Zonbescherming deel 2: Welke SPF moet ik gebruiken?

Zonbescherming deel 2: Welke SPF moet ik gebruiken?

Zelf heb ik een hele lichte huid met sproeten en rood haar. Mijn huid verbrand dus erg snel en wordt bijna niet bruin. Sinds een aantal cursussen op mijn vakgebied, ben ik wat meer te weten gekomen over hoe je je huid het beste kan beschermen tegen de zon. Ik dacht er eerlijk gezegd tot dan toe niet veel over na en smeerde met een SPF50 (liefst ook niet te dure). SPF50 leek mij in elke situatie een ‘’veilige’’ oplossing. Helaas verkleurde ik helemaal niet meer, wat ik ook weer erg jammer vond. Nu weet ik dat het komt doordat SPF50 zelfs voor mijn huid te hoog is. SPF30 is voor mij meer dan genoeg. Ook had ik het gevoel dat dat mede de oorzaak was van mijn veel te lage vitamine D bloedwaarde. Vanaf nu koop ik zonnebrandcrème van een goed merk (Dr. Baumann), waar niet teveel chemische filters inzitten. Ik kreeg namelijk nogal snel pukkeltjes van goedkope zonnebrandcrème. In deze blog leest u meer over hoe u uit kan rekenen welke UV filter geschikt is voor uw huid en hoe het allemaal precies in zijn werking gaat.

 

UVA & UVB

Natuurlijk zonlicht bestaat voor ongeveer 95% uit UVA-stralen en voor zo’n 5% uit UVB-stralen. Wat veel mensen niet weten, is dat deze twee soorten straling sterk van elkaar verschillen en daarom op een andere manier invloed hebben op onze huid. UVB-straling is verantwoordelijk voor zonnebrand. UVA-straling wordt door meer en meer onderzoekers verantwoordelijk gehouden voor het toegenomen aantal kwaadaardige huidkankers. De op zonneproducten vermelde beschermingsfactor geeft enkel de bescherming tegen UVB-straling aan en zegt dus niet of je ook beschermd bent tegen UVA. Het beste aanknopingspunt om te weten of een product ook beschermt tegen UVA is de ingrediëntenlijst. Er zijn op dit moment slechts vier ingrediënten die in de Verenigde Staten door de FDA zijn goedgekeurd omdat ze beschermen tegen het volledige UVA-spectrum: titanium dioxide, zinc oxide, avobenzone en Mexoryl SX. In Europa komt daar nog Tinosorb bij.

 

Soorten UV-filters

In zonnebeschermingsproducten worden twee soorten filters gebruikt:

  1. Synthetische (chemische) filters. Deze absorberen UV-straling. Op octocrylene na is de kans op een allergische reactie erg hoog en worden er steeds vaker overgevoeligheidsreacties waargenomen. Daarnaast beschermen ze alleen tegen UVB (m.u.v. de bovengenoemde). Meest voorkomende synthetische filters zijn: 4-Methylbenzylidencampher , 4 MBC, 3- Benzylidencampher, 3 BC, Octyl Methoxycinnamate, OMC, Benzophenone- 3, Oxybenzon, Homosalate, Homomenthylsalicylat, HMS, OD-PABA, OctylDimethyl-Para-Amino-Benzoic-Acid, Octocrylene.
  2. Minerale (fysische) filters. Hebben een werking op de huid en reflecteren UV-straling. Ze werken in dezelfde mate tegen UVB- en UVA-straling. Ze worden over het algemeen goed verdragen en zijn geen allergenen. Ze laten echter vaak een witte waas achter op de huid waardoor ze ‘esthetisch’ minder acceptabel zijn. Meest voorkomende minerale filters: Zinkoxide, Titaandioxide.

 

Hoe goed ben ik beschermd en hoe lang mag ik in de zon?

De uiteindelijke graad van bescherming wordt bepaald door 3 factoren:

  1. Huidtype

Er bestaan 6 verschillende huidtypes:
– Huidtype 1: verbrandt altijd, wordt niet bruin;
– Huidtype 2: verbrandt meestal, wordt een beetje bruin;
– Huidtype 3: verbrandt zelden, wordt goed bruin;
– Huidtype 4: verbrandt nooit, wordt diep bruin (mediterrane type);
– Huidtype 5: Aziatisch type;
– Huidtype 6: negroïde type.
Personen met een huidtype 1 tot 3 kunnen buiten, op een gewone dag wel volstaan met een factor 15 à 25. Op een zonnige dag wordt een factor 25 à 30 aangeraden. Voor huidtype 4 en 5 mag het wat minder zijn. Van huidtype 6 wordt vaak aangenomen dat ze geen bescherming nodig hebben. Toch is ook voor hen een lichtere factor nuttig.

 

  1. De zonbeschermingsfactor

De factor bepaalt het aantal keren dat je langer in de zon kunt blijven zonder te verbranden. Begint je huid bij een bepaalde zonne-intensiteit zonder bescherming te verbranden na 30 minuten, dan duurt het met een Factor 20 dus twintig keer langer.

 

  1. De zonkracht (UV-Index)

De zonkracht of UV-index, is een maat voor de hoeveelheid UV-straling in het zonlicht die de aarde bereikt op een gegeven moment. De UV-index kan variëren tussen 0 en 15. Bij een lage UV-index (0-4) verbrandt de huid minder snel dan bij een hoge zonkracht (7-15). De UV-index neemt toe naarmate de zon hoger staat en varieert met de seizoenen en het moment van de dag. Verder heeft ook de bewolking, vocht of stof in de atmosfeer een invloed. Om een zonkracht om te rekenen in het aantal minuten in de zon voordat een huid gaat verbranden kan je de volgende tabel gebruiken:

Huidtype 1: 67 minuten / zonkracht(UV-index)
Huidtype 2: 100 minuten / zonkracht(UV-index)
Huidtype 3: 200 minuten / zonkracht(UV-index)
Huidtype 4,5 en 6: 300 minuten / zonkracht(UV-index)
Rekenvoorbeeld aan de hand van bovenstaande: Bij UV-Index 4 en huidtype 2 begint de huid te verbranden na 25 minuten in de zon, want 100 minuten/4 = 25 minuten.

Met een SPF20 kan diezelfde persoon dus 20 x 25 = 500 minuten (ruim 8 uur) in de zon blijven zonder te verbranden. Mits je de zonnebrandcrème iedere 2 uur aanbrengt.

Onderzoek en ook zelfonderzoek heeft aangetoond dat mensen hun zonneproducten te dun, te weinig en te laat aanbrengen. Het is dus erg belangrijk om het product goed te gebruiken.

 

 SPF 15 of SPF 50?

Factoren boven de twintig bieden nauwelijks extra bescherming maar belasten de huid wel meer. Hoe hoger de beschermende factor van een zonneproduct, hoe kleiner de extra bescherming. Een zonneproduct met slechts een factor 2 vermindert de zonnestraling al met 50%. Factor 4 met 75% en Factor 10 met 90%. Een verdubbeling tot Factor 20 leidt tot een reductie van 95%. Slechts 5% meer dan Factor 10. Een Factor 50 geeft 98% UV-vermindering, slechts 3% beter dan Factor 20.

Zo bereken je zelf het % vermindering van de UV-straling: (100 – (100/Factor))
Voorbeeld Factor 02 = (100 – (100/02))= 50% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 04 = (100 – (100/04))= 75% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 08 = (100 – (100/08))= 88% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 10 = (100 – (100/10))= 90% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 12 = (100 – (100/12))= 92% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 15 = (100 – (100/15))= 93% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 20 = (100 – (100/20))= 95% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 30 = (100 – (100/30))= 97% vermindering UV-straling
Voorbeeld Factor 50 = (100 – (100/50))= 98% vermindering UV-straling

 

 

Conclusie

Met beschermingsfactoren tussen Factor 10 en 30 is de huid reeds zeer goed beschermd! Hogere factoren geven zo goed als geen extra bescherming meer, maar zijn wel duurder en bevatten hogere concentraties allergiserende chemische UV-filters of witmakende mineralen. In de praktijk hangt de factor die je het beste kiest af van je plannen, het seizoen en het weer.

Stel bijvoorbeeld dat je van plan bent om een dagje naar het strand te gaan. Het wordt mooi weer en het weerbericht waarschuwt voor een UV-Index van 8. Je bent nog niet gewend aan de zon en je bent een typische ‘laaglander’ die wel bruin wordt maar toch ook snel verbrandt. Je hebt dus huidtype 2. Je huid begint dus te verbranden na een klein kwartier (100/8). Met een factor 20 zou je dus 300 minuten of 5 uur op het strand kunnen blijven (20 x15). Met een factor 30 zou je 450 minuten in de zon kunnen blijven (7,5 u). Een factor 30 is dus écht voldoende(SPF 50 is niet nodig!) om een hele dag op het strand te zitten mits je natuurlijk voldoende dik en frequent genoeg smeert. Ook is het raadzaam om de zon op het heetst van de dag, tussen 11.00 u en 15.00 u te vermijden.

Doen jullie trouw een zonnebrandcrème op en wat voor SPF gebruiken jullie? Wat zijn jullie ervaringen? Reageer hieronder!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*